top of page

Geert Van Lerberghe (Vinum Et Spiritus): “De doelstelling van de minister is om alcoholconsumptie te denormaliseren”

INTERVIEW - De federale regering valt een nationaal monument aan. Door de radicale waarschuwing “alcohol schaadt” te verplichten, vegen de beleidsmakers de nuance tussen matig genot en misbruik van tafel, zo hekelt de directeur-generaal van Vinum Et Spiritus. De sectorfederatie betreurt deze verharding “zonder grondige evaluatie”, die indruist tegen de vrijwillige goede praktijken van de actoren, et maakt zich zorgen over de schadelijke effecten… op de financiële gezondheid van onze ondernemers.


Door aan alcoholreclame een waarschuwing over de schadelijkheid op te leggen, raakt de regering-De Wever een politiek gevoelige snaar, om niet te zeggen een diep cultureel taboe. De minister van Volksgezondheid verdedigt het algemeen belang en steunt daarbij op een wetenschappelijke consensus die wordt erkend door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). Maar de Belgische brouwers hebben al aan de kaak gesteld waar de hele alcoholhoudende drankenindustrie voor vreesde: een schandpaal. Dit economische paradepaardje vreest minder voor zijn imago dan voor zijn financiën. De nieuwe verboden vormen een frontale aanval op hun vakmanschap, hun verantwoordelijkheid en hun levensvatbaarheid.


“Op vlak van het alcoholbeleid behoort België vandaag niet tot de achterblijvers, maar tot de koplopers”, herinnert Geert Van Lerberghe ons onmiddellijk, alsof hij het decor wil schetsen. De directeur-generaal van Vinum Et Spiritus, de Belgische federatie van producenten en handelaars in wijnen en gedistilleerde dranken, citeert graag de internationale cijfers die aantonen dat ons land sterke resultaten behaalt.


In een recent monitoringsrapport van de WHO lieten de gegevens zien dat de vermijdbare sterfte in België sneller daalt dan het Europese gemiddelde en dat de Belgen zelfs de sterkste procentuele daling van de alcoholconsumptie vertoonden. “Dat bevestigt dat een doordachte aanpak, met focus op overconsumptie en risicogroepen, werkt”, merkt de ambassadeur van onze wijnbouwers en alcoholproducenten op. Een gesprek.


GONDOLA FOODSERVICE: Het recente wetsontwerp legt voortaan de vermelding “alcohol schaadt de gezondheid” op in de marketing. U bent waarschijnlijk ook van mening dat deze ondubbelzinnige waarschuwing de waardering van de consument vertroebelt en stigmatiserend werkt voor uw sector, die inzet op kwaliteit en terroir in plaats van op volume?


Geert Van Lerberghe: Dat is inderdaad een reëel risico. Deze alles-of-niets-benadering houdt geen rekening met het in het regeerakkoord en het alcoholplan erkende onderscheid tussen gematigde consumptie en alcoholmisbruik. Terwijl net dat onderscheid cruciaal is om consumenten correct te informeren over mogelijke gezondheidsrisico’s. Het bestaande interfederaal alcoholplan focust terecht op het terugdringen van misbruik. In dat kader heeft de sector ook zelf, proactief, verantwoordelijkheid genomen door de bestaande slogan vrijwillig aan te passen naar “Alcoholmisbruik schaadt de gezondheid” (voordien: ‘Ons vakmanschap drink je met verstand), volledig in lijn met de doelstellingen van het plan.


De slogan "Alcohol schaadt de gezondheid" helpt mensen die drinken niet om hun individuele gezondheidsrisico's nauwkeurig in te schatten en houdt geen rekening met andere aspecten van matige alcoholconsumptie. Effectieve risicocommunicatie moet mensen net aanzetten tot bewuste en verantwoorde keuzes, in plaats van enkel een binaire boodschap te geven die geen ruimte laat voor nuance.


België slaat een steeds restrictiever pad in. Wat is volgens uw analyses de reële impact van deze reclameverboden op kleine Belgische producenten en distributeurs, die niet over de budgetten van multinationals beschikken om deze obstakels voor hun zichtbaarheid te omzeilen?


Om in het huidige economische klimaat te kunnen overleven hebben ondernemers nood aan reglementaire stabiliteit en voorspelbaarheid. Een regelgevend kader dat voortdurend verandert, en in dit geval zelfs zonder grondige evaluatie, remt investeringen, innovatie en ondernemerschap. Het bestaande systeem van zelfregulering biedt net duidelijke richtlijnen én flexibiliteit. Het combineert maatschappelijke verantwoordelijkheid met werkbaarheid voor bedrijven en dat is essentieel om een sector die inzet op kwaliteit en lokale verankering te laten blijven groeien.


Terwijl het KB alcoholreclame door de initiatiefnemende minister wordt verrechtvaardigd als ultieme bescherming voor onze minderjarigen lijkt zijn doel er met de ongenuanceerde slogan voornamelijk in te bestaan alconolconsumptie in het algemeen te denormaliseren. De gevolgen ervan zullen voelbaar zijn voor alle economische actoren, en niet in het minst door de lokale spelers.


Het verbod richt zich op media die “hoofdzakelijk bestemd zijn voor minderjarigen”. Gezien de doorlaatbaarheid op sociale netwerken en de werking van algoritmen, is deze definitie vaak vatbaar voor interpretatie. Vreest u juridische onzekerheid voor bedrijven die communiceren via Instagram of TikTok, zelfs wanneer zij zich tot een volwassen publiek richten?


Rechtsonzekerheid is inderdaad een belangrijk aandachtspunt. Net daarom heeft de sector, samen met partners zoals retail, horeca en de reclamesector, al proactief duidelijke afspraken vastgelegd in het alcoholconvenant. Zo geldt onder meer dat er niet geadverteerd mag worden wanneer het doelpubliek voor minstens 30% uit jongeren onder 25 jaar bestaat. Indien platformen die garantie niet kunnen bieden, wordt er eenvoudigweg niet geadverteerd via dat platform.


Met andere woorden: de sector neemt hier al langer zijn verantwoordelijkheid. Bovendien worden deze afspraken regelmatig geëvalueerd en bijgestuurd. Dat toont aan dat zelfregulering wendbaar is en kan inspelen op evoluties zoals sociale media, iets wat rigide wetgeving vaak moeilijker kan.


Het project voorziet in een uitzondering voor proeverijen, maar verbiedt het gratis aanbieden van dranken. Hoe denkt de sector te voorkomen dat dit onderscheid uitmondt in een administratieve hoofdpijn tijdens vakbeurzen, culturele evenementen of domeinbezoeken, waar een gratis proeverij vaak de regel is?


Hier dreigt vooral een kloof tussen regelgeving en praktijk. In sectoren zoals de onze zijn proeverijen net een essentieel onderdeel van beleving, educatie en kwaliteitspositionering. Het is daarom cruciaal dat de uitvoering van deze maatregel duidelijk, werkbaar en proportioneel blijft.


Het Verslag aan de Koning bij het KB bevat diverse voorbeelden die de uitzonderingen op het verbod illustreren, gaande van proeverijen om producten te ontdekken en eventueel aan te kopen tot evenementen (markten, kermissen en festivals enz) tot recepties. De toekomst zal uitwijzen welke instructies de inspectiediensten meekrijgen om deze bepaling toe te passen.


De sector pleit al lang voor zelfregulering. Is dit wetsontwerp volgens u het teken van een definitief gebrek aan vertrouwen van de politici in de vrijwillige engagementen van de industrie?


We stellen vast dat voor onze sector de kracht van zelfregulering vandaag onvoldoende wordt erkend, en dat is jammer. Nochtans bewijst het systeem zijn effectiviteit: de raad voor de reclame en de deelnemende bedrijven nemen verantwoordelijkheid, reageren snel en zoeken vaak proactief advies.


Zelfregulering wordt niet gekenmerkt door vrijblijvendheid, maar door een geheel van regels die meegroeien met de maatschappelijke noden en die gedragen worden door de volledige sector.


Gelooft u nog steeds in de dialoog met de politieke wereld?


We blijven daarom geloven in de kracht van een open en constructieve dialoog met beleidsmakers, maar voor een dialoog moet je minstens met twee zijn. Het doel moet zijn om samen te komen tot maatregelen die ambitieus zijn, maar ook doelgericht en effectief in de strijd tegen alcoholmisbruik – zonder onnodige neveneffecten voor verantwoorde spelers.


Er is uiteraard altijd ruimte voor verbetering. Maar die ligt in gerichte, proportionele maatregelen en in samenwerking met de sector, niet in algemene verstrengingen die weinig onderscheid maken. Een aanpak gebaseerd op verantwoordelijkheid, nuance en dialoog levert op lange termijn het meeste resultaat op, zowel voor de volksgezondheid als voor de economie.


En wanneer de nieuwe reclameslogan er dan uiteindelijk is gekomen omdat hierover in het regeerakkoord afspraken werden gemaakt, dan rekenen wij op voldoende politieke moed om eveneens te zorgen voor de loyale uitvoering van de afspraken om de grensaankopen, alsook de fiscale lasten die daar de grootste oorzaak van zijn, te verminderen.




bottom of page